Wie in een Fins onderzoek met 2.315 mannen vier tot zeven keer per week in de sauna zat, had een hazard ratio van 0,37 voor plotse hartdood. Dat is een verband, geen oorzaak, en gerandomiseerde proeven bevestigen het niet eenduidig. Wat de studies meten, wanneer een sauna gevaarlijk is voor je hart en wat ze niet bewijzen.
Wie vier tot zeven keer per week in de sauna zat, overleed in een Fins onderzoek veel minder vaak aan plotse hartdood dan wie één keer per week ging: een hazard ratio van 0,37, dus een 63 procent lager risico (Laukkanen e.a., JAMA Internal Medicine, 2015, 2.315 mannen, mediaan 20,7 jaar gevolgd). Dat is een verband, geen bewijs dat de sauna het hart beschermt. Het onderzoek is observationeel, het gaat om Finse mannen van middelbare leeftijd, en een gerandomiseerde proef bij mensen met een hartaandoening liet geen verbetering zien.
Hieronder staat wat die cohortstudies precies hebben gemeten, wat ze niet kunnen aantonen, wat kleinere proeven over bloeddruk en bloedvaten laten zien en wanneer een sauna voor je hart juist gevaarlijk is. Dit is geen medisch advies en geen reden om een huis met sauna te boeken. Heb je een hartaandoening, bespreek het dan eerst met je huisarts of cardioloog.
Sauna en hart: wat de Finse cohortstudie meette
De cijfers komen uit één onderzoek in Oost-Finland, de Kuopio Ischemic Heart Disease Risk Factor Study. De onderzoekers namen een bevolkingssteekproef van 2.315 mannen van 42 tot 60 jaar, onderzochten hen tussen 1984 en 1989 en vroegen hoe vaak en hoe lang ze in de sauna zaten. Daarna volgden ze de mannen mediaan 20,7 jaar.
In die tijd kwamen 190 gevallen van plotse hartdood voor, 281 sterfgevallen door coronaire hartziekte, 407 door hart- en vaatziekten in het algemeen en 929 sterfgevallen in totaal. De mannen vielen in drie groepen:
| Saunafrequentie | Mannen | Plotse hartdood | Sterfte hart- en vaatziekten | Totale sterfte |
|---|---|---|---|---|
| 1 keer per week | 601 | 61 (10,1%) | 134 (22,3%) | 295 (49,1%) |
| 2 tot 3 keer per week | 1.513 | 119 (7,8%) | 249 (16,4%) | 572 (37,8%) |
| 4 tot 7 keer per week | 201 | 10 (5,0%) | 24 (12,0%) | 62 (30,8%) |
Na correctie voor risicofactoren voor hart- en vaatziekten, vergeleken met één keer per week, was de hazard ratio voor plotse hartdood 0,78 bij twee tot drie keer per week (95%-betrouwbaarheidsinterval 0,57 tot 1,07) en 0,37 bij vier tot zeven keer per week (0,18 tot 0,75). Bij twee tot drie keer per week omvat het interval de 1: dat verschil kan toeval zijn. Een hazard ratio van 0,37 betekent dat het risico 63 procent lager lag dan in de vergelijkingsgroep (1 min 0,37, eigen rekensom).
Ook de duur van de sessie hing samen met de uitkomst. Vergeleken met sessies korter dan 11 minuten was de hazard ratio voor plotse hartdood 0,93 bij 11 tot 19 minuten (0,67 tot 1,28) en 0,48 bij meer dan 19 minuten (0,31 tot 0,75). Voor totale sterfte was dat verband met de duur niet te zien.
De auteurs concluderen zelf dat vaker saunabaden is geassocieerd met een lager risico, en dat verder onderzoek nodig is om te begrijpen waarom.
Sauna, bloeddruk, beroerte en dementie: grotendeels dezelfde mannen
Latere publicaties kijken naar andere uitkomsten. De meeste komen uit dezelfde Kuopio-groep, dus het zijn geen onafhankelijke bevestigingen maar nieuwe vragen aan dezelfde mannen. Dat verschil bepaalt hoe zwaar je ze weegt.
- Hoge bloeddruk (Zaccardi e.a., 2017): 1.621 mannen zonder hoge bloeddruk, mediaan 24,7 jaar gevolgd, 251 nieuwe gevallen. Vergeleken met één keer per week: hazard ratio 0,76 bij twee tot drie keer (0,57 tot 1,02) en 0,54 bij vier tot zeven keer (0,32 tot 0,91). Na extra correctie, onder meer voor alcohol, conditie en sociaaleconomische status, werd dat 0,83 (0,59 tot 1,18) en 0,53 (0,28 tot 0,98).
- Beroerte (Kunutsor e.a., Neurology, 2018): 1.628 mannen en vrouwen van 53 tot 74 jaar, mediaan 14,9 jaar gevolgd, 155 beroertes. Vier tot zeven keer per week: hazard ratio 0,39 (0,18 tot 0,83), na correctie voor lichamelijke activiteit en sociaaleconomische status 0,38 (0,18 tot 0,81). Voor hersenbloedingen waren er maar 34 gevallen, te weinig voor een stevige uitspraak.
- Dementie (Laukkanen e.a., Age and Ageing, 2017): 2.315 mannen, 204 gevallen van dementie en 123 van alzheimer. Vier tot zeven keer per week: hazard ratio 0,34 voor dementie (0,16 tot 0,71) en 0,35 voor alzheimer (0,14 tot 0,90). Twee tot drie keer per week: 0,78 (0,57 tot 1,06), dus niet duidelijk anders dan één keer.
Let op de groepsgrootte. In het hoofdonderzoek zaten maar 201 mannen in de groep van vier tot zeven keer per week, en in die groep vielen 10 gevallen van plotse hartdood. Een kleine groep met weinig gebeurtenissen geeft een breed betrouwbaarheidsinterval: de ondergrens van 0,18 betekent dat de werkelijke waarde ook veel dichter bij 1 kan liggen.
Waarom sauna en hart in cohortonderzoek niet hetzelfde is als oorzaak en gevolg
Een cohortstudie volgt mensen die zelf kiezen hoe vaak ze naar de sauna gaan. Dat levert drie problemen op die ook een zorgvuldig onderzoek niet helemaal kan wegnemen.
Confounding. Mensen die vier keer per week naar de sauna gaan, verschillen op meer punten van de rest dan alleen hun saunagedrag. Ze zijn mogelijk fitter of gezonder. De onderzoekers corrigeren voor veel factoren, maar niet voor alles wat ze niet hebben gemeten. Een vervolgonderzoek in dezelfde groep (Laukkanen e.a., 2018, 2.291 mannen, mediaan 26,1 jaar, 226 gevallen van plotse hartdood) laat zien hoe dat werkt. Een hoge conditie, objectief gemeten, gaf een hazard ratio van 0,48 (0,34 tot 0,67) voor plotse hartdood. Veel sauna (drie tot zeven keer per week) gaf 0,67 (0,46 tot 0,98). Mannen met een lage conditie maar veel sauna kwamen op 0,71 (0,45 tot 1,10): daar ligt het interval over de 1. Zodra conditie meetelt, is het verband met sauna dus kleiner en minder zeker, al verdwijnt het in deze analyse niet.
Omgekeerde causaliteit. Gezondheid kan ook de saunafrequentie bepalen, in plaats van andersom. Wie kortademig is of pijn op de borst heeft, gaat misschien minder vaak. Dan lijkt de sauna te beschermen terwijl gezonde mannen simpelweg vaker gingen. In de samenvattingen die we lazen staat niet hoe de onderzoekers dit hebben uitgesloten.
Eén meting. Saunagedrag is bij de start gevraagd, tussen 1984 en 1989. Of het daarna twintig jaar hetzelfde bleef, is in de samenvattingen niet te zien.
Dan de populatie. Het hoofdonderzoek gaat over Oost-Finse mannen van middelbare leeftijd. Het zegt niets over vrouwen, jongere mensen of over een week vakantie met af en toe een sessie. Voor een andere sauna dan de Finse is het onderzoek nog dunner, zie infrarood sauna of Finse sauna.
Wat het verband wel sterker maakt: het loopt trapsgewijs. Vaker en langer gaat samen met een lager risico (P voor trend 0,005 voor plotse hartdood). Dat past bij een echt effect, maar bewijst het niet.
Sauna en bloeddruk: wat gerandomiseerde proeven laten zien
Een gerandomiseerde proef verdeelt mensen bij loting over sauna en geen sauna, en kan confounding grotendeels uitsluiten. Zulke proeven zijn er, maar ze zijn klein en kort. Een systematische review uit 2018 (Hussain en Cohen) vond 40 klinische studies met 3.855 deelnemers. Slechts 13 waren gerandomiseerd en de meeste hadden minder dan 40 deelnemers. Wat ze meten en hoe, loopt sterk uiteen.
- Een meta-analyse van 16 artikelen (Li e.a., 2020) vond direct na de sauna gemiddeld een hartslag die 17,86 slagen per minuut hoger lag, een lichaamstemperatuur 0,94 graad hoger, en een bovendruk 5,55 mmHg en onderdruk 6,50 mmHg lager. Na twee tot vier weken sauna lagen bovendruk en onderdruk gemiddeld 5,26 en 4,14 mmHg lager. Dat zijn gepoolde cijfers uit uiteenlopende studies; we lazen alleen de samenvatting.
- In een proef met 47 mensen met minstens één risicofactor (Lee e.a., 2022) gaf acht weken bewegen plus 15 minuten sauna erna een bovendruk die 8,0 mmHg lager lag (betrouwbaarheidsinterval 14,6 tot 1,4 lager) dan alleen bewegen. Bewegen alleen verschilde in bloeddruk niet van de controlegroep.
- In een proef met 41 mensen met stabiele kransslagaderziekte (Debray e.a., 2023) veranderden de vaatfunctie (flow-mediated dilation), de stijfheid van de slagaders en de bloeddruk na acht weken Finse sauna (vier keer per week, 20 tot 30 minuten, 79 graden) niet ten opzichte van de controlegroep.
- Een proef met 38 mensen (Lee e.a., 2025) liet na acht weken sauna na het sporten geen extra verbetering van de hartslagvariabiliteit zien ten opzichte van alleen sporten.
- Japanse studies bij 25 mannen met risicofactoren (Imamura e.a., 2001, zonder onbehandelde controlegroep) en bij 30 patiënten met hartfalen (Kihara e.a., 2004, gerandomiseerd) lieten een betere vaatfunctie en minder extra hartslagen zien. Daar ging het om een infraroodsauna van 60 graden gedurende twee weken. Die uitkomsten zijn niet zomaar te vertalen naar een Finse sauna van 80 tot 100 graden.
Lees dit zo: een tijdelijk lagere bloeddruk is meermaals gemeten. Een blijvend effect op de bloedvaten of op overlijden is dat niet. De Finse cohortstudies suggereren het, de gerandomiseerde proeven die we vonden bevestigen het niet eenduidig. Een overzicht uit 2018 (Laukkanen e.a.) noemt het bewijs zelf nog voorlopig: emerging evidence.
Sauna en hartslag: wat er tijdens een sessie gebeurt
In een sauna werkt je hart harder, ook als je dat niet voelt. Je huid warmt op, de bloedvaten verwijden, de bloeddruk daalt en de hartslag gaat omhoog, in de gepoolde cijfers hierboven met ongeveer 18 slagen per minuut. Je zweet en verliest vocht. Een gezond hart kan dat goed aan: Hannuksela en Ellahham (American Journal of Medicine, 2001) schrijven in hun overzicht dat saunabaden door de meeste gezonde volwassenen goed wordt verdragen en dat er zeer weinig hartinfarcten en gevallen van plotse dood in saunas voorkomen.
Voor wie een hartprobleem heeft, ligt dat anders. Dezelfde review noemt als contra-indicaties onstabiele angina pectoris, een recent hartinfarct en ernstige aortaklepstenose. Bij stabiele angina of een oud infarct is saunabaden volgens de auteurs voor de meeste mensen wel veilig.
Hartpatiënten Nederland (patiëntenvereniging, pagina van 16 november 2023) is voorzichtiger en concreter. Wie ernstig hartfalen, hartritmestoornissen, een lage bloeddruk of hartkrampen heeft, moet voorzichtig zijn of het laten, en wie in het afgelopen half jaar een hartinfarct had, gaat niet. De vereniging waarschuwt dat de bloeddruk in de sauna daalt en je daardoor kunt flauwvallen. Ze adviseert maximaal 15 minuten, de laatste twee minuten rechtop te zitten en geen koud bad te nemen, omdat dat de bloeddruk snel doet stijgen. Over koud water staat meer in ijsbad na de sauna.
De twee bronnen formuleren een infarct anders: recent tegenover zes maanden. Lees het als: ga niet voordat je cardioloog het heeft goedgevonden. We vonden geen richtlijn van de Hartstichting over saunagebruik; de Nederlandse informatie komt van een patiëntenvereniging en is geen medische richtlijn. Vraag het daarom je behandelend arts, zeker als je medicijnen gebruikt die je bloeddruk beïnvloeden.
Sauna en alcohol: de combinatie die het hart extra belast
Alcohol hoort niet bij een sauna. Hannuksela en Ellahham schrijven dat alcohol tijdens het saunabaden de kans op een te lage bloeddruk, hartritmestoornissen en plotse dood vergroot en dus vermeden moet worden. Hartpatiënten Nederland geeft hetzelfde advies, met als argument dat je ervan uitdroogt. Wat Fins forensisch onderzoek over sterfte in en rond de sauna zegt en wat dat in een vakantiehuis betekent, staat in wat een sauna stoken kost. Voor de sauna bij een verkoudheid of koorts: zie sauna bij verkoudheid.
Sauna en hart in een vakantiehuis: wat er in ons aanbod staat
Op 13 oktober 2026 hadden 6.058 woningen in ons actuele aanbod een sauna, en 1.102 daarvan ook een jacuzzi of hottub. Wie ze wil bekijken, vindt ze op vakantiehuizen met sauna. Of je de sauna deelt en hoe warm hij wordt, staat in de omschrijving van de woning.
Dat getal zegt niets over gezondheid. Het onderzoek hierboven is geen reden om een huis met sauna te boeken, en het zegt weinig over een verblijf van een week. Reis je met kinderen, lees dan sauna met kinderen over leeftijd, duur en temperatuur.
Verantwoording
Peildatum 13 oktober 2026. De studies zijn opgezocht via Europe PMC; van alle wetenschappelijke bronnen lazen we de samenvatting, niet de volledige tekst. Hazard ratio's en betrouwbaarheidsintervallen zijn uit die samenvattingen overgenomen: Laukkanen e.a., JAMA Internal Medicine (2015); Zaccardi e.a., Hypertension (2017); Kunutsor e.a., Neurology (2018); Laukkanen e.a., Age and Ageing (2017); Laukkanen e.a. (2018, conditie en sauna). Proeven: Debray e.a. (2023), Lee e.a. (2022 en 2025), Imamura e.a. (2001), Kihara e.a. (2004). Overzichten: Hussain en Cohen (2018), Li e.a. (2020), Laukkanen e.a., Mayo Clinic Proceedings (2018), Hannuksela en Ellahham (2001). Praktisch advies voor hartpatiënten: Hartpatiënten Nederland. Het aantal woningen komt uit onze feitenkaart op de peildatum. Alleen de 63 procent (1 min 0,37) is een eigen rekensom.
Wat we niet konden vaststellen: of de onderzoekers omgekeerde causaliteit hebben uitgesloten (staat niet in de samenvattingen), een richtlijn van de Hartstichting of Harteraad over saunagebruik (niet gevonden), en de zes maanden na een infarct uit een medische richtlijn (alleen de patiëntenvereniging noemt ze). Van de meta-analyse van Li e.a. weten we niet welke studies zijn gepoold.
Betrouwbaarheid: ★★★☆☆. De cijfers over de studies kloppen met de samenvattingen van peer-reviewed publicaties, maar het bewijs zelf is observationeel, komt grotendeels uit één Fins cohort en wordt door de gerandomiseerde proeven niet eenduidig bevestigd. De veiligheidsadviezen steunen op één review uit 2001 en één patiëntenvereniging. Daarom staat bij elke uitspraak wat het onderzoek niet aantoont.